Je hoort het overal: op feestjes, bij de borrel na werk, in de rij bij de supermarkt. Iemand heeft het over goud. Niet gek, want de goudprijs brak dit jaar record na record. Eind januari piekte een troy ounce goud op bijna 5.600 dollar, een niveau dat niemand een jaar eerder had durven voorspellen. Daarna volgde een correctie, maar zelfs nu staat goud nog altijd ruim een derde hoger dan vorig jaar. Tijd om te kijken wat er precies gebeurt, en of jij nog op tijd bent.
Waarom goud dit jaar van record naar record klimt
De belangrijkste aanjager is niet de particuliere belegger, maar de centrale bank. Overheden over de hele wereld kopen in 2026 in een tempo dat we niet eerder zagen. Alleen al in het tweede kwartaal kochten centrale banken samen bijna 290 ton goud bij, een stijging van meer dan 60 procent ten opzichte van een jaar eerder. En ze bleven kopen, zelfs toen de prijs tijdelijk daalde. Dat is veelzeggend: het gaat deze landen niet om een snelle winst, maar om reserves spreiden weg van de dollar.
Daarnaast spelen geopolitieke spanningen en twijfels over de onafhankelijkheid van de Federal Reserve een rol. Zodra beleggers zich zorgen maken over inflatie of over wie straks de rente bepaalt, zoeken ze een veilige haven. Goud is al eeuwenlang die haven. De NOS zette de achtergronden van deze piek helder uiteen, inclusief hoeveel goud Nederland zelf eigenlijk in de kluis heeft liggen.
De cijfers die het beeld compleet maken
Even de feiten op een rij, want rond goud circuleren nogal wat losse getallen. Het record van 28 januari lag op zo'n 5.589 dollar per troy ounce. In juni zakte de prijs terug naar ongeveer 4.344 dollar, een correctie van ruim 22 procent ten opzichte van de piek. Toch stond goud op dat moment nog altijd 36 procent hoger dan een jaar eerder. Begin oktober schommelt de prijs rond de 4.150 dollar.
De grote banken verschillen flink van mening over waar dit naartoe gaat. Goldman Sachs noemt 5.400 dollar als richtpunt, UBS houdt het op 5.600 dollar en JP Morgan gaat zelfs uit van 6.000 tot 6.300 dollar aan het einde van het jaar. Dat zijn geen garanties, het zijn inschattingen, maar ze laten wel zien dat vrijwel niemand op straat verwacht dat goud snel weer terugzakt naar het niveau van twee jaar geleden.
Zo beleg je in goud zonder zelf een kluis te hoeven kopen
Je hoeft geen goudstaaf onder je bed te verstoppen om mee te profiteren. De meeste particuliere beleggers kiezen voor een van deze drie routes:
- Goud-ETF's en ETC's. Deze volgen de goudprijs één op één, zonder dat je fysiek goud in handen krijgt. Laagdrempelig, verhandelbaar via elke gewone broker, en vaak de goedkoopste optie qua kosten.
- Goudmijnaandelen. Je koopt aandelen in bedrijven die goud delven. Deze bewegen vaak heftiger dan de goudprijs zelf, omhoog en omlaag, omdat ook productiekosten en bedrijfsresultaten meespelen.
- Fysiek goud. Munten of baren bij een erkende handelaar. Voelt het meest tastbaar, maar je betaalt een premie boven de koers en je moet het veilig opbergen of verzekeren.
Wie net begint, kiest meestal voor een ETF. Dat werkt eigenlijk hetzelfde principe als wanneer je leest over de groeiende populariteit van ETF's in Nederland: lage instapkosten, geen gedoe met opslag, en je kunt met een paar tientjes al mee instappen. Het doet een beetje denken aan hoe je ook in vastgoed kunt beleggen zonder zelf een huis te kopen, je pakt het rendement van de markt zonder de praktische rompslomp erbij.
De risico's die niemand je er even bij vertelt
Goud klinkt veilig, en op de lange termijn is het dat vaak ook, maar het is geen rustig bezit. De prijs kan binnen een paar maanden tientallen procenten schommelen, zoals de correctie van 22 procent dit jaar bewijst. Wie net op het hoogtepunt instapte, keek een halfjaar later naar rood op zijn rekening.
Een ander verschil met bijvoorbeeld aandelen: goud keert geen dividend uit. Je rendement komt volledig uit koerswinst, en nergens anders vandaan. Dat is een ander spel dan dividend beleggen, waar je ook tussentijds cashflow krijgt terwijl je wacht op koersstijging. Bij fysiek goud komt daar nog bij dat je bij verkoop vaak minder terugkrijgt dan de actuele koers, omdat handelaren een marge rekenen.
Wat dit betekent voor jouw portefeuille
Goud is geen vervanger voor je beleggingsportefeuille, het is een aanvulling. De meeste financieel adviseurs noemen een percentage tussen de 5 en 10 procent van je totale vermogen als redelijke richtlijn, puur als buffer tegen inflatie en onrust. Ga je alles omzetten in goud omdat je buurman het ook deed, dan loop je het risico dat je precies op het verkeerde moment instapt.
Wil je toch instappen, doe het dan gespreid in de tijd in plaats van in één keer, en bepaal vooraf welk deel van je vermogen je hiervoor opzij zet. De centrale banken van deze wereld kopen al jaren structureel bij, niet omdat ze snel willen verdienen, maar omdat ze spreiden. Diezelfde logica werkt ook voor jouw spaarpot, alleen dan op een schaal die bij jou past.