Nederland kreeg er in 2025 nauwelijks bedrijven bij. De Kamer van Koophandel telde op 1 januari 2026 zo'n 2,6 miljoen ingeschreven ondernemingen, een groei van minder dan 1 procent ten opzichte van een jaar eerder. Sinds de KVK deze cijfers in 2014 begon bij te houden, was de groei nooit zo laag. De grootste klap valt bij zzp'ers: 19 procent meer stoppers en 13 procent minder starters dan het jaar ervoor.
Dat roept een logische vraag op. Is het zzp-schap voorbij, of gebeurt er iets anders? Het antwoord ligt vooral bij een wet die de afgelopen twee jaar voor onrust zorgde, en bij een nieuw wetsvoorstel dat die onrust juist moet wegnemen.
Meer zzp'ers stoppen dan er bijkomen
Sinds januari 2025 handhaaft de Belastingdienst weer actief op schijnzelfstandigheid. Bedrijven die iemand structureel als zzp'er inhuren terwijl die persoon eigenlijk als werknemer functioneert, riskeren nu boetes en naheffingen. Voor veel opdrachtgevers was dat reden om voorzichtiger te worden met losse contracten, en voor een deel van de zelfstandigen reden om de eigen zaak op te doeken of niet te beginnen.
Hoogleraar ondernemerschap Joris Knoben van Tilburg University wijst er in cijfers van de KVK op dat de terugval niet alleen bij zzp'ers speelt, maar bij vrijwel alle ondernemingsvormen. Onzekerheid over de economie en onduidelijk beleid rond schijnzelfstandigheid houden mensen tegen om de stap te zetten. Opvallend genoeg daalde het aantal faillissementen wel met 21 procent, want bedrijven stoppen nu vaker uit zichzelf, voordat de schulden zich opstapelen.
Waarom zoveel zelfstandigen de stekker eruit trekken
De meeste stoppers noemen niet geldgebrek als hoofdreden, maar onzekerheid. Opdrachtgevers durven geen langlopende contracten meer aan te bieden uit angst voor de fiscus, waardoor zzp'ers minder werk binnenhalen dan voorheen. Anderen zien de discussie rond de wet aan voor een teken dat het zelfstandig ondernemerschap zelf onder druk staat, en kiezen daarom voor vast werk.
Toch is dat beeld voor een groot deel misplaatst. Wie zich vooraf goed voorbereidt, bijvoorbeeld met een degelijke administratie en het regelen van je eigen arbeidsongeschiktheidsverzekering, loopt veel minder risico dan de koppen in het nieuws doen vermoeden.
De meeste twijfelaars zijn helemaal geen schijnzelfstandige
Onderzoek onder ruim 1.600 zelfstandigentoetsen laat een heel ander beeld zien dan de angst in de markt. Meer dan 90 procent van de zzp'ers die de toets deden, draagt structureel ondernemersrisico, investeert in de eigen zaak en voert een sluitende administratie. 99,5 procent staat ingeschreven bij de KVK, bijna 93 procent haalt het inkomen uit bedrijfswinst, en ruim driekwart werkt binnen een jaar voor meerdere opdrachtgevers.
Met andere woorden: de doelgroep die de Belastingdienst wil aanpakken, echte schijnzelfstandigen die in feite werknemer zijn, is een kleine minderheid. De meeste zzp'ers ondernemen gewoon zoals het hoort. Dat neemt de zorgen bij opdrachtgevers niet meteen weg, maar het betekent wel dat een goed onderbouwde administratie je in de praktijk verre van machteloos maakt. Een boekhoudkantoor dat meedenkt over je opdrachtgeversmix en risicospreiding is dit jaar geen overbodige luxe.
Ook in de bouw komt hetzelfde beeld terug. Onderzoek van het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid laat zien dat zzp'ers in die sector grotendeels legitieme ondernemers zijn, en niet de verkapte werknemers waar bouwbedrijven bang voor zijn geworden. De angst voor naheffingen blijkt vaak groter dan het daadwerkelijke risico, juist omdat de regels tot nu toe zo vaag geformuleerd waren.
Wat de Zelfstandigenwet gaat veranderen
Het kabinet erkent dat de huidige regels te veel onduidelijkheid geven. In plaats van de eerder aangekondigde wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden werkt de coalitie nu aan de Zelfstandigenwet, die concreter moet vastleggen wanneer werk als zelfstandig ondernemerschap telt. Brancheorganisaties in de uitzendsector pleiten er daarbij voor om het criterium "aantal opdrachtgevers" los te laten, omdat dat in de praktijk weinig zegt over de vraag of iemand echt voor zichzelf werkt.
De eerste tekenen van herstel zijn er inmiddels al. In het tweede kwartaal van 2026 steeg het aantal nieuwe ondernemingen met bijna 5 procent, terwijl het aantal stoppers juist daalde, blijkt uit het meest recente KVK Trendrapport. Meer duidelijkheid over de regels lijkt dus al iets van het vertrouwen terug te geven.
Dit is wat je nu als zzp'er zelf kunt doen
Wacht je liever niet af tot de Zelfstandigenwet er echt ligt? Zorg dan dat je eigen zaak op orde is, ongeacht welke wet er straks precies geldt. Werk voor meerdere opdrachtgevers in plaats van voor één vaste klant, houd een sluitende administratie bij en investeer zichtbaar in je eigen bedrijf, denk aan gereedschap, software of bijscholing. Dat zijn precies de kenmerken waarop de zelfstandigentoets je beoordeelt, en het zijn ook de kenmerken die een opdrachtgever gerust stellen.
Praat er ook gewoon met je opdrachtgever over. Veel bedrijven trekken zich terug uit angst voor de Belastingdienst, niet omdat ze twijfelen aan je vakmanschap. Een helder contract waarin staat dat je voor meerdere klanten werkt, je eigen materiaal gebruikt en zelf bepaalt hoe je het werk uitvoert, neemt een groot deel van die twijfel weg. Wie dat gesprek uit de weg gaat, laat onnodig opdrachten liggen aan zelfstandigen die het wel voor elkaar krijgen.
De onzekerheid rond de wetgeving verdwijnt niet van vandaag op morgen. Maar de cijfers laten wel zien dat de meeste zzp'ers zich onnodig zorgen maken. Wie kan aantonen dat hij of zij echt onderneemt, heeft in de praktijk weinig te vrezen van de handhaving, wat de discussie in Den Haag er verder ook van maakt.